De appels waarvan de appelcider gemaakt wordt behoren tot voor Nederlandse begrippen onbekende rassen. Jan gebruikt bij de bereiding appels van speciale ciderrassen. De bereiding van cider is te verglijken met het maken van wijn. De appels worden eerst vermalen en de pulp wordt geperst. De appelsap wordt vervolgens gefermenteerd, waarbij suiker wordt omgezet in alcohol. Daarna moet de cider nog een paar maanden rijpen voordat deze geschikt is voor consumptie. Door appels te gebruiken van verschillende rassen ontstaat een rijk palet aan tannines en aroma’s. Omdat de smaak van de appels en de opbrengst van de oogst jaarlijks een beetje varieert zal ook de smaak van de cider niet elk jaar precies gelijk zijn. Net als bij wijn heeft ieder oogstjaar haar specifieke karakter. Groot Merm maakt heerlijke Nederlandse appelciders in verschillende smaken.